English Nederlands

Werkpakket 6

Kennisgebruik en participatie

Algemeen doel

Het iteratief communiceren, verspreiden en implementeren, samen met de belanghebbenden, van de gecreëerde kennis over het behoud van mond- en stofwisselingsgezondheid gedurende de eerste 1000 dagen van het leven, via een kader van inclusieve digitale en niet-digitale middelen.

Doelstellingen

  • Het iteratief ontwerpen en ontwikkelen van een multidimensioneel eHealth platform om de gecreëerde kennis en interventies te communiceren en te verspreiden naar de verschillende stakeholders.
  • Het iteratief ontwikkelen van geïntegreerde digitale en niet-digitale strategieën en interventies om de ontwikkelde kennis in te zetten en te implementeren bij de verschillende stakeholders.
  • Het iteratief evalueren van zowel het eHealth platform (Doelstelling 1) als de geïntegreerde digitale en niet-digitale strategieën en interventies (Doelstelling 2) die gedurende de looptijd van het project zijn ontwikkeld, om een kader te bieden voor inclusieve digitale en niet-digitale diensten.

Actieve periode

Jaar 1-8

Leden van WP6

Laurence Alpay
Hanneke Kip
Monique van der Veen
Janine Sikkens
Leider WP6
Tessa Dekkers
Christian Bröer
Nymphaea Notschaele
Saskia Kelders
Lea Hohendorf
Vacancy 12 (not open yet)

Betrokken consortiumpartners

Inholland, AUAS, UvA-FMG, VU, AUMC, ACTA, UTwente.

 

Samenwerkingspartners/ co-financiers

GGD, Sarphati Amsterdam, JGZ, SGF, Ivoren Kruis, Gemeente Amsterdam, NIBI, Bètapartners, Voedingscentrum, NJi, NCJ, PHAROS, Food4Smiles, Gemeente Amsterdam, PANEL, Onkolyze, Supabase, NVvK, JTV Amsterdam.

 

Voortgang (december 2025)

Onderzoek en ontwikkeling

In 2024-2025 concentreerde WP6 zich op het verzamelen van inzichten ter ondersteuning van de ontwikkeling van inclusieve digitale en niet-digitale communicatiemiddelen die gezond gedrag in de vroege kinderjaren stimuleren. Onze primaire doelgroepen blijven ouders – met name ouders in kwetsbare situaties – en mondzorgprofessionals.

Het doctoraatsonderzoek binnen WP6 begon met een verkennend onderzoek naar bestaande interventies op het gebied van levensstijl, waarbij de nadruk lag op hun kenmerken en effectiviteit en waarbij de resultaten van de algemene bevolking werden vergeleken met die van personen met een lage sociaaleconomische positie (SEP). Het huidige onderzoek omvatte een interviewstudie die tot doel had inzicht te krijgen in ervaringen en de geleefde realiteit met betrekking tot een gezonde levensstijl, alsook in de rol van professionals bij de ondersteuning van gezinnen. Deze interviews worden afgenomen bij gezinnen, professionals in de gezondheidszorg, maatschappelijk werkers, gemeentemedewerkers en vertegenwoordigers van verzekeringsmaatschappijen. Deze bredere aanpak is bedoeld om het onderling verbonden netwerk in kaart te brengen en hefboompunten en kansen te identificeren voor strategieën die aansluiten bij de realiteit van mensen.

Verschillende bachelor- en masterstudenten van Inholland en de Universiteit Twente hebben bijgedragen aan studies over:

  • De rol van de omgeving bij het vormgeven van eetgedrag (bijvoorbeeld in Amsterdam-Noord)
  • Behoeften en verwachtingen van toekomstige onderwijs- en andere professionals met betrekking tot voeding en/of onderwijs (Voed Ze Goed)
  • Strategieën om het bewustzijn en gedrag rond mondgezondheid bij kinderen en gezinnen te verbeteren (Technasium-studentprojecten)
  • De visie van mondzorgprofessionals op communicatiemiddelen voor gezinnen met jonge kinderen met een lage SES (MetaHealth-minorstudenten)

In 2025 raakte WP6 ook actief betrokken bij het Voed Ze Goed-project, dat in samenwerking met WP2 is ontwikkeld. Dit initiatief ondersteunt basisscholen bij het nemen van weloverwogen beslissingen over het aanbod van gezonde voeding op basis van contextuele behoeften. WP6 levert een bijdrage door digitale voedingsvoorlichtingsinstrumenten en gedragsontwerpstrategieën voor implementatie te evalueren. Voed Ze Goed is een samenwerkingsverband tussen de Inholland-domeinen AFL, O&I en GSW, het Voedingscentrum en GGD Haaglanden. Het project loopt van januari 2025 tot juni 2026 en er zijn al studenten bij betrokken.

Na een succesvolle matchmaking is een samenwerking met Technasium tot stand gekomen. Het eerste studentenproject loopt nu en richt zich op het vergroten van het bewustzijn onder middelbare scholieren en ouders over mondgezondheid.

Daarnaast is WP6 begonnen met het ontwerpen van een intern digitaal platform om de samenwerking en kennisuitwisseling tussen werkpakketten te verbeteren en input te verzamelen voor de ontwikkeling van digitale en niet-digitale communicatiemiddelen die zijn afgestemd op verschillende doelgroepen.

Verspreiding van resultaten

  • De minor MetaHealth is in 2024 officieel van start gegaan en is ontwikkeld door het Lectoraat Medische Technologie en het programma Mondgezondheid van Inholland als een gezamenlijk initiatief van WP1 en WP6. In januari 2025 hebben zeven studenten Tandheelkunde de minor afgerond en zijn er nog tien ingeschreven voor de periode september-januari 2026.
  • Er werd een presentatie gegeven op de conferentie Supporting Health by Technology 2025 met als titel “Toepasbaarheid van gedragsontwerpmethoden in het MetaHealth-project”.

Samenwerking tussen werkpakketten

De samenwerking tussen de werkpakketten is geïntensiveerd, met name met WP1, WP2 en WP3. WP6 werkt nauw samen met WP1 aan de minor Mondgezondheid, waarbij de focus ligt op de regio Zaandam Oost en waarbij studenten betrokken zijn. Het sluit aan bij WP2 voor projecten zoals Voed Ze Goed en werkt samen met WP3 aan de hand van door hen ontwikkelde persona’s en gedragsontwerp voor het ontwikkelen van digitale agentgebaseerde modellen.


Update juni 2026:

Onderzoek en ontwikkeling

Een belangrijke mijlpaal is de voltooiing van een scopingreview naar e-gezondheidsinterventies voor jonge kinderen, die nu als preprint beschikbaar is.

Nieuw onderzoek bij Inholland richtte zich op hoe beginnende mondzorgprofessionals hun preventieve rol zien, wat resulteerde in drie afgeronde focusgroepen.

Daarnaast vordert het promotieonderzoek binnen WP6 momenteel met een stakeholderonderzoek, gericht op het verkrijgen van dieper inzicht in de perspectieven en behoeften binnen het netwerk.

Er zijn twee Technasium-proefprojecten gestart, gericht op het vergroten van het bewustzijn rond mondgezondheid bij adolescenten en hun gezinnen.

Verspreiding en onderwijs

WP6 heeft zijn aandacht op verspreiding en impact vergroot. Er werd een speciale workshop georganiseerd voor MetaHealth-promovendi, gericht op hoe zij via hun onderzoek maatschappelijke impact kunnen realiseren.

De MetaHealth-website wordt nog steeds actief gebruikt als kanaal voor het delen van projectinzichten en -resultaten.

Uitdagingen en volgende stappen

Een geplande samenwerking met Panel B.V. kon niet doorgaan vanwege de sluiting van het bedrijf. Er wordt momenteel gezocht naar alternatieve partnerschappen.

Resultaten

Digitale en gemengde levensstijlinterventies voor kleuters en gezinnen met een lage sociaaleconomische positie en de algemene bevolking: een verkennend overzicht. (2026)

First author: Lea Hohendorf, Tessa Dekkers, Hanneke Kip, Laurence Alpay, , Last author: Saskia Kelders

Dit verkennend overzicht van Lea Hohendorf en collega's van WP6 werd op 5 juni 2026 gepubliceerd in het Journal of Medical Internet Research. Lees meer

Samenvatting

Achtergrond: Veel ongezonde gewoonten ontstaan in de vroege kinderjaren en kunnen leiden tot gezondheidsrisico’s op de lange termijn, die onevenredig vaak kinderen met een lage sociaaleconomische positie (SEP) treffen. Digitale en gemengde levensstijlinterventies kunnen een gezondere levensstijl bevorderen, maar gezinnen met een lagere SEP blijven ondervertegenwoordigd en kampen met specifieke belemmeringen voor gezond gedrag en toegang tot interventies. Daardoor blijft het onduidelijk welke kenmerken van interventies het meest effectief zijn voor deze bevolkingsgroepen.

Doelstelling: Deze studie van Lea Hohendorf en collega’s van WP6 had tot doel digitale en gemengde levensstijlinterventies gericht op kinderen in de voorschoolse leeftijd te identificeren en in kaart te brengen, en te onderzoeken hoe de kenmerken van de interventies en de gerapporteerde effectiviteitspatronen verschillen tussen interventies voor de algemene bevolking en gezinnen met een lage SEP.

Methoden: Er werd een zoekopdracht uitgevoerd in Scopus, Web of Science, Cochrane Library, ERIC en ACM Digital Library. Studies kwamen in aanmerking als ze (1) gericht waren op kleuters (6 maanden tot 5 jaar) of verzorgers, (2) een digitale of gemengde levensstijlinterventie evalueerden, en (3) ten minste één gedragsdomein behandelden (voeding, lichaamsbeweging, sedentair gedrag, slaap en mondgezondheid). Studies gericht op zwangere vrouwen, kinderen ouder dan 5 jaar, of interventies die uitsluitend niet-digitaal werden aangeboden, werden uitgesloten. De screening en prioritering werden ondersteund door software op basis van kunstmatige intelligentie (ASReview; Universiteit Utrecht). De gegevens hadden betrekking op de doelstellingen van de interventies, de doelgroepen, de theoretische en richtlijnmatige grondslagen, de toedieningswijzen en -omgevingen, en de ontwerpkenmerken van de overtuigingssystemen. De kenmerken van de interventies en de effectiviteitscategorieën werden beschrijvend samengevat. De methodologische kwaliteit van quasi-experimentele studies werd beoordeeld met behulp van de kritische beoordelingsinstrumenten van het Joanna Briggs Institute.

Resultaten: In totaal werden 77 studies opgenomen die 54 interventies beschreven. Hiervan waren er 35 gericht op de algemene bevolking en 19 uitsluitend op gezinnen met een lage sociaaleconomische positie (SEP). De interventies waren vergelijkbaar tussen de groepen: doorgaans gericht op ouders, gericht op meerdere levensstijldomeinen en gebaseerd op theorieën, kaders of evidence-based richtlijnen. Interventies voor gezinnen met een lage SEP maakten vaker gebruik van sms-berichten, bevatten minder overtuigende ontwerpkenmerken en neigden naar één enkel leveringskanaal. De bevindingen inzake effectiviteit waren gemengd; er kwamen geen consistente patronen naar voren wanneer interventies werden gegroepeerd op basis van hun kenmerken. Alleen onder de interventies voor gezinnen met een lage sociaaleconomische positie (SEP) waren minder effectieve interventies vaker gericht op meerdere gedragingen en bevatten ze meer overtuigende ontwerpkenmerken.

Conclusies: Voor zover wij weten is dit een van de eerste overzichten waarin digitale en gemengde levensstijlinterventies voor kinderen in de voorschoolse leeftijd in kaart worden gebracht, waarbij de kenmerken van de interventies en de beschrijvende effectiviteitspatronen tussen de algemene bevolking en bevolkingsgroepen met een lage SEP worden vergeleken. Het overzicht benadrukt de heterogeniteit in de kenmerken en uitkomsten van de interventies en identificeert hiaten waar het bewijs beperkt is.

Deze bevindingen onderstrepen de noodzaak om gezinnen met een lage sociaal-economische positie beter te vertegenwoordigen in interventieonderzoek, het inzicht in de haalbaarheid en contextuele aansluiting te versterken, en benaderingen op meerdere niveaus te ondersteunen die de dagelijkse context van gezinnen weerspiegelen. De bevindingen moeten echter worden geïnterpreteerd in het licht van verschillende beperkingen, waaronder het uitsluiten van grijze literatuur, gedeeltelijke dubbele screening, de mogelijkheid dat door kunstmatige intelligentie ondersteunde prioritering relevante studies heeft weggelaten, en variatie in de rapportage van interventiecomponenten tussen studies.

Source: DALL-E (AI-generated image); Copyright: Public Domain; License: Public Domain (CC0)

Bron: DALL-E (door AI gegenereerde afbeelding); Auteursrecht: Publiek domein; Licentie: Publiek domein (CC0)

Lees meer

https://doi.org/10.2196/86596

Bekijk publicatie (PDF)

Gerelateerd nieuws

7 juli 2026
Eerste Technasium-MetaHealth-projecten succesvol afgerond
Bij ISW Hoogeland onderzochten Sogol Abbaszadeh, Jessie Strang en Anna Duin hoe het poetsgedrag en de mondgezondheid van kinderen van 10 tot 14 jaar kunnen worden verbeterd. Op basis van vragenlijsten, literatuuronderzoek en inzichten uit gedragsverandering ontwikkelden zij samen met onderzoeker Lea Hohendorf de campagne ‘Kijk in de spiegel’.

Lees meer

26 juni 2025
MetaHealth onderzoek gepresenteerd op Supporting Health by Technology Conference 2025
Nymphaea Notschaele van de Hogeschool Inholland presenteerde het behavioral design onderzoek 'Applicability of Behavioral Design Methods in the MetaHealth Project'.

Lees meer

10 maart 2025
Het bevorderen van een gezond gewicht en de mondgezondheid: WP1 en WP6 verwelkomen studenten mondzorgkunde van Inholland
In het kader van het MetaHealth-project en de Minor MetaHealth verwelkomen WP1 en WP6 met veel plezier de studenten Mondzorgkunde van Hogeschool Inholland.

Lees meer